/** * */

Seeadler

De in 1878 gebouwde Pass of Balmaha, ze werd buitgemaakt door de U-36 en door de Duitsers ingezet als de SMS Seeadler.
Enlarge
De in 1878 gebouwde Pass of Balmaha, ze werd buitgemaakt door de U-36 en door de Duitsers ingezet als de SMS Seeadler.
SMS Seeadler (Zeilschip/Handelskaper)
Land: Duitsland
Klasse: Zeilschip/Handelskaper
Waterverplaatsing (toegelaten tonnen): 4500 ton
Afmetingen (lengte / breedte / diepgang): 83,5m / 11,8 m / 5,5 m
Bewapening (kanons / torpedobuizen): twee 105-mm kanons
Pantser (gordel / dek / hoofdgeschutstorens):
Voortstuwingsinstallatie (ketels / machines): Een dieselhulpmotor
Totale APK: 671 kW (900 as-pk)
Brandstofvoorraad:
Prestaties (snelheid / actieradius): 9 knp (16,7 km/u) met dieselmotor.
Bemanning: 64
Gebouwd door: Robert Duncan Company, Glasgow, Schotland
Opdracht verstrekt:
Kiel gelegd:
Tewaterlating:
In dienst gesteld: 1878
Einde: Gestrand op 2 Augustus 1917.


De Seeadler was een ongebruikelijk soort handelskaper, zelfs naar de maatstaven van de Eerste Wereldoorlog. Het was veruit het oudste schip, het was zelfs oorlogsbuit en het was een zeilschip. De nadelen van een zeilschip werden ondervangen door een dieselhulpmotor en een totaal onschuldig uiterlijk. Het schip was in 1878 in Schotland gebouwd als de Pass of Belmaha. Het vaartuig had nog onder neutrale Amerikaanse vlag gevaren, toen het door de Britten werd gevorderd en later door de U-36 werd buitgemaakt in de Noordzee op weg naar Kirkwall. Het schip was goed gewapend en perfect vermond als de Noorse Irma en zeilde eind 1916 onder aanvoering van Felix von Luckner.
Op eerste kerstdag 1916 werd het schip ten noordwesten van de Faeröereilanden tot stoppen gemaand door het Britse hulpschip Patia. Het zeilschip werd doorzocht en mocht weer doorvaren. Von Luckner zette koers naar Braziliaanse wateren en bracht onderweg twee Britse koopvaardijschepen tot zinken. Doordat de prioriteiten van kruiserpatrouilles elders lagen kon de handelskaper zonder problemen ontglippen. De Seeadler opereerde nabij de geïsoleerde St Paul's Rocks en in twee maanden tijd wist het schip negen schepen te enteren. Von Luckner zond zijn grote hoeveelheid krijgsgevangenen naar Brazilië in een veroverde Franse sloep. Ze werden ondervraagd en wisten te melden dat von Luckner van plan was om rond Kaap Hoorn te varen. Hier slaagde hij op 19 april 1917 inderdaad in, ondanks de intensieve patrouilles door Britse kruisers in dat gebied. De Seeadler voer naar de Chileense kust tot de 35e breedtegraad, en voer in noordwestelijke richting de Stille Zuidzee op. Nu de Verenigde Staten ook bij de Eerste Wereldoorlog betrokken waren, voeren hier ook Amerikaanse schepen. In juni en juli maakte de Seeadler drie kleine koopvaarders buit. Maar het noodlot sloeg toe. Doordat er geen gekoeld, vers eten meer aan boord was, kreeg de bemanning scheurbuik door tekort aan vitamine C. Von Luckner ankerde bij het eiland Mopelia, 450 km van Tahiti in de Society Eilanden, een deel van Frans-Polynesië. Tijdens een storm sloeg ze op de klippen nabij het eiland. Luckner en enkele bemanningsleden zeilden met open bootjes naar het buureiland Fiji waar ze werden gevangen genomen en opgesloten. Een Franse schoener, de Lutece, van 126 ton werd door de resterende bemanning op 5 september 1917 buitgemaakt. Ze zeilden naar het Paaseiland waar ze op 4 oktober aankwamen, waar ze werden geïnterneerd door de Chileense autoriteiten. Tijdens 225 dagen op zee had de Seeadler zestien schepen van in totaal 30.100 ton buitgemaakt.

Bronnen

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Seeadler"
Personal tools