/** * */

Organisatie Duitse artillerie

De Duitse artillerie was onderverdeeld in "Feld-Artillerie-Regimenter" en "Fuss-Artillerie-Regimenter". De bereden veldartillerie zorgde voor ondersteuning van de eenheden te velde, terwijl de "Fuss-Artillerie" was uitgerust met de zwaardere stukken. De organisatie van beide eenheden verschilde.

De bereden veldartillerie

7.7cm Feldkanone 96  n.A.
Enlarge
7.7cm Feldkanone 96 n.A.

Eén veldartillerieregiment omvatte een regimentsstaf en twee "Abteilungen" aangeduid met de Romeinse cijfers I en II. Theoretisch was de Abteilung I bewapend met 7,7 cm "Feldkanone", Abteilung II kreeg de houwitserrol toebedeeld en had daarvoor de 10,5 cm "Leichte Feld-Haubitze" ter beschikking.

Elke Abteilung was onderverdeeld in drie batterijen met telkens 6 stukken geschut, 5 officieren, 148 onderofficieren en manschappen, 139 paarden en 11 wagens. De staf had 7 officieren, 27 man, 29 paarden, een vrachtwagen en een speciaal observatievoertuig.

Het 7,7 cm "Feld-Kanone" bestond in verschillende uitvoeringen met een schietbereik van ongeveer 4 tot 10 kilometer. De afgevuurde granaten wogen 6.500 gram.

De 10,5 cm "Leichte Feld-Haubitze" had een gewicht van circa 1.500 kg, vuurde een granaat af van 6.650 kg over een afstand van bijna 6 km. De vuursnelheid was 4 schoten per minuut.

De Fuss-Artillerie

De Fuss-Artillerie had ook regimenten met staf en twee "Abteilungen". De eerste (I) bestond uit vier batterijen en werd uitgerust met 4 X 4 15 cm "Feldhaubitze". De tweede (II) was identiek maar vuurde met 10 cm "Feldhaubitze" of met 21 cm "Mörser" (mortieren). Van deze laatste waren er slechts 2 batterijen van 4 stukken per "Abteilung".

Eén batterij 15 cm geschut had zes officieren (de commandant, drie luitenants, een transportofficier en een officier-veearts), 224 man, 122 paarden en 14 wagens. De 10 cm batterijen hadden een officier en 26 man meer. De 21 cm batterij was samengesteld uit 6 officieren, 249 onderofficieren en troep, 148 paarden, 4 wagens voor de mortierlopen, 8 wagens voor de onderdelen en affuiten en nog eens 4 wagens voor de munitie.

In tegenstelling tot de veldartillerie waren de regimenten van de Fuss-Artillerie niet in "vaste" divisies ondergebracht maar werden verdeeld over de legerkorpsen al naar gelang de noodzakelijkheid van hun aanwezigheid.

Het gewicht van een 10 cm granaat was bijna 19 kg welke 11 km verder neerkwam met een ratio van 2 schoten per minuut.

De 21 cm "Mörser" vuurde een projectiel van 83 kg over een afstand van ongeveer 9,5 km met een vuursnelheid van 2 schoten per minuut.

De Dikke Bertha had een waarde van 1.000.000 Rijksmark; iedere granaat van 42 cm kostte 1.500 mark en woog 900 kg. De maximale vuursnelheid was 1 schot per 3 minuten en het vuurbereik ongeveer 14 km. De loop had een werkgarantie van 2.000 schoten.

Bronnen:

  • De organisatie van de Duitse legers, circa 1916. De ontplooiing van een divisie& Inrichting van het terrein - Patrick De Wolf, 2002
Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Organisatie_Duitse_artillerie"
Personal tools