/** * */

Joseph Dickman

Joseph Theodore Dickman was een Amerikaans generaal uit de Eerste Wereldoorlog. Hij aanschouwde het levenslicht op 6 oktober 1857 te Dayton in Ohio. Nadat hij in 1881 zijn studie aan de militaire academie van West Point had voltooid, werd hij aangesteld bij het 3de regiment der cavalerie. Hij diende tijdens de Geronimo-campagne tegen de Apache-indianen (1886) en aan de Mexicaanse grens tegen revolutionairen zoals Garza en bij het gevangennemen van vogelvrijverklaarden Benavides en Gonzales.

Dickman was instructeur van de opleiding cavalerie en lichte artillerie op Fort Riley in Kansas, 1893-94 en was commandant van de troepen die de spoorwegstaking in Chicago in 1894 moesten neerslaan, voordat hij werd overgeplaatst naar Fort Ethan Allen in Vermont.

Tijdens de Spaans-Amerikaanse Oorlog (1898) diende Dickman als kapitein tijdens de veldtocht naar Santiago op Cuba bij de staf van generaal Joseph Wheeler. En hij werd ingezet tijdens de Philippijnse Opstand (1899-1900) op het eiland Panay. Promotie tot majoor en luitenant-kolonel bij een uit vrijwilligers bestaand infanterieregiment was de volgende stap in zijn carrière. Hij diende als stafchef onder generaal Adna R. Chaffee bij de Boxeropstand in China in 1900.

In 1902 werd hij benoemd in de generale staf. In 1905 behaalde hij een graad aan het Army War College. Majoor bij de reguliere strijdkrachten werd hij in 1906, luitenant-kolonel in februari 1912 en kolonel in december 1914. In mei 1917 werd hij brigadegeneraal en in augustus van dat jaar kreeg hij als generaal-majoor tijdelijk het bevel over de 85ste infanteriedivisie in Camp Custer, Michigan.

In november 1917 werd hem het bevel over de 3de infanteriedivisie toevertrouwd en in maart 1918 werd hij met deze divisie naar het front in Frankrijk gestuurd. Ze leverden daar op 31 mei slag bij Château-Thierry en verdedigden de bruggenhoofden van de Marne tegen het enorme Duitse offensief toen de Franse linies overal werden teruggedrongen. Vanwege deze onverzettelijkheid staat de divisie bekend als de "Rots aan de Marne".

Dickman nam in augustus 1918 het bevel van het IVde legerkorps over, dat deelnam aan het offensief tegen de saillant van Saint-Mihiel. In oktober kreeg hij het commando van het Iste korps opgedragen, dat betrokken was het Maas-Argonne-offensief.

In november 1918 werd Dickman bevelhebber van het 3de Amerikaanse leger, dat generaal Pershing, de Amerikaanse opperbevelhebber, had geformeerd om na de wapenstilstand delen van Duitsland en het bruggenhoofd van Koblenz te bezetten.

Na de oorlog droeg Dickman het commando over het 3de leger over aan luitenant-generaal Hunter Liggett en werd voorzitter van een commissie die rapporteerde over de in de oorlog opgedane ervaringen voordat hij naar de Verenigde Staten terugkeerde als commandant van het zuidelijke garnizoen en het VIIIste legerkorps.

Op 6 oktober 1921 trad Dickman uit dienst, maar werd teruggeroepen in 1922 als voorzitter van een commissie belast met het ontslag van officieren uit actieve dienst als gevolg van wetgeving om de omvang van de strijdkrachten te reduceren.

Dickman, die wordt beschouwd als een van de meest bekwame Amerikaanse officieren van de wereldoorlog, stierf in Washington, D.C. op 23 oktober 1927. Hij werd 70 jaar oud.

(Vertaling van: http://wwi.lib.byu.edu/index.php/Dickman)

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Joseph_Dickman"
Personal tools