/** * */

Duitse helmen

Wacht met "Pickelhaube" voor de Neue Wache in Berlijn (uit: Osborn, Berlin, ein Rundgang in Bildern, 1913)
Enlarge
Wacht met "Pickelhaube" voor de Neue Wache in Berlijn (uit: Osborn, Berlin, ein Rundgang in Bildern, 1913)

Inhoud

Inleiding

Als iets de Duitse soldaat in de eerste helft van de 20ste eeuw symboliseert, dan is het wel zijn helm, vooral de "Stahlhelm", hoewel hij dit hoofddeksel in tijden van strijd en oorlogsdreiging maar 30 jaar gedragen heeft.

De Pickelhaube

In de 19de eeuw werd de "Pickelhaube" (puntmuts) het typische hoofddeksel van het Pruisische leger. Weliswaar waren er uitzonderingen, bijvoorbeeld bij de cavalerie, de Jagers en de genie, maar bepalend was toch als hoofdbedekking de leren, van metalen versterkingen en versieringen voorziene helm met de naam Pickelhaube. Veel andere Duitse bondsstaten namen hem over voor de eigen troepencontingenten en na de zegerijke oorlog van 1870/71 zelfs een hele reeks landen in en buiten Europa, waaronder de Verenigde Staten, wat maar weinig bekend is.

Ook in de Eerste Wereldoorlog trok het Duitse leger aanvankelijk onder de "Pickelhaube" ten strijde, maar weldra bleek, dat deze helm in de steeds omvangrijker veldslagen met een geweldige inzet van oorlogsmateriaal zijn drager geen enkele bescherming bood. De krijgstechniek had daarmee een militair symbool achterhaald, want de "Pickelhaube" was oorspronkelijk bedoeld tegen sabelhouwen en eventueel nog tegen degenstoten, maar tegen kogels, of tegen granaatscherven, was het leren hoofddeksel volstrekt nutteloos.

De Stahlhelm

In het tweede jaar van de Eerste Wereldoorlog werd bij het XVIIIde legerkorps een onderzoek gedaan, dat aan het licht bracht, dat 83 procent van verwondingen aan het hoofd door - meestal heel kleine - granaatsplinters veroorzaakt werd, en maar 17 procent door kogels. Er ontstond grote behoefte aan een speciale hoofdbescherming en er werd een nieuwe helm ontwikkeld. Reeds in februari 1916 was de eerste partij van deze "Stahlschutzhelm" (stalen veiligheidshelm), zoals de officiële benaming luidde, later algemeen "Stahlhelm" genoemd, gereed, en gaf de chef van de generale staf van de landmacht, generaal von Falkenhayn, opdracht om de helm overal bij het leger in te voeren.

Stahlhelm Model M16
Enlarge
Stahlhelm Model M16

Als "uitvinder" golden drie personen, die nauw samenwerkten, omdat er zowel technische als anatomische problemen moesten worden opgelost: Friedrich Schwerd, professor aan de Technische Hogeschool van Hannover, die in de oorlog kapitein van de landweer was, de beroemde chirurg prof. dr. August Bier (die meestal als ontwerper wordt genoemd, tevens uitvinder van de zogpomp), kolonel-arts bij de marine en adviserend chirurg bij het XVIIIde legerkorps, en de kunstzinnige echtgenote van professor Schwerd, die aan de helm de typische, unieke vorm gaf. Het probleem bestond daaruit, dat men een helm moest ontwikkelen, die niet alleen relatief licht was, maar zo mogelijk ook bestand was tegen kogels en granaatsplinters. Uiteindelijk werd er een helm uit één stuk ontworpen, die bestond uit gehard chroomnikkelstaal met een bescherming voor ogen en nek. Twee uitstekende luchtgaten, aan beide kanten één gat, werden toegepast voor het ophangen van de zogenaamde Stirnpanzer hoofdstuk, een extra pantsering die werd gedragen op de helm en borst tegen vijandelijk vuur.

M16

In november 1915 was de nieuwe helm (typeaanduiding "M 16") met een metaaldikte van 1 mm op de schietbaan van Kummersdorf aan schietproeven onderworpen, die tot volle tevredenheid verliepen. Zelfs kogels van een granaatkartets die dichtbij werd afgevuurd, vermochten de helm niet te doorboren. Tot aan het einde van de Eerste Wereldoorlog werden 7,5 miljoen stalen helmen geproduceerd en aan de troepen geleverd.

Toen na de verloren oorlog in het jaar 1919 de voorlopige Reichswehr als opvolger van het oude leger aantrad, werd vanzelfsprekend zowel het veldgrijze uniform (een "Feldgrauer" is een soldaat uit de Eerste Wereldoorlog) als de stalen helm overgenomen. De Reichswehr voerde in 1923 het "Stahlhelmembleem" in, dat alleen links op de helm was aangebracht en het betreffende troepencontingent aanduidde, dus bijvoorbeeld Pruisen, Beieren, Saksen, enz.

M16

In 1917 werd het binnenwerk gewijzigd met als resultaat het ontstaan van de M17. Verder waren beide modellen identiek.

M18

Stahlhelm Model M18
Enlarge
Stahlhelm Model M18
Een verdere noviteit was de invoering van model "M 18", de stalen helm voor de ruiterij, met uitsparingen in de rand ter hoogte van de oren, ter verbetering van de geluidswaarneming, want hoe goed de helm ook tegen rondvliegende granaatsplinters bescherming bood, één nadeel kon toch niet worden ontkend, namelijk het hinderlijke geruis, zelfs als het nauwelijks woei. De openingen van model M 18 moesten het ruisen verminderen en het luisteren onder de helm verbeteren, maar het succes was niet wat men ervan verwacht had en de meeste soldaten van de Reichswehr hielden het bij het oorspronkelijke model. Als curiositeit zij nog vermeld, dat voor de officieren van de Reichswehr een helm uit licht metaal werd gefabriceerd, die wat de vorm en de kleur aanging, nauwelijks van de stalen helm verschilde, maar wel veel lichter was en daardoor bij het dagelijks gebruik veel prettiger was om te dragen, althans in vredestijd. De lichtmetalen helm moest natuurlijk op eigen kosten worden aangeschaft, net als een uitgaanstenue.

Behalve de Reichswehr gebruikten in Europa ook het Oostenrijkse en het Hongaarse leger het Duitse helmmodel. De stalen helm van het Zwitserse leger leek sterk op de Duitse en zelfs de Sowjetunie voerde in de Jaren 30 een soort stalen helm in, die wel door het Duitse ontwerp geïnspireerd leek.

M35

Stahlhelm Model M35
Enlarge
Stahlhelm Model M35
Toen het leger vanaf 1935 voortdurend uitbreiding onderging werd voor de nieuwe Wehrmacht de Stahlhelm "M 35" ingevoerd, die de nadelen van het vorige model moest ondervangen, namelijk het relatief hoge gewicht en het hinderlijke geruis. Model 35 had nagenoeg dezelfde vorm als zijn voorganger, maar was iets slanker en zonder de uitstekende luchtgaten voor de Stirnpanzer. Vooral de naar voren stekende rand boven de ogen en de nekbescherming waren korter geworden, zodat de helm inderdaad lichter werd en de geluidshinder afnam, maar niet geheel verdween. In 1936 werden daarnaast een helm voor parachutisten en een voor het vliegend personeel van de luchtmacht ingevoerd.

B/II

In de tweede helft van de Tweede Wereldoorlog werden de verliezen groter dan ooit tevoren. In de plannen voor hulpverlening werd ook naar de stalen helm gekeken. In een memo werden de nadelen van de helm opgesomd, en dit leidde in 1944 tot het vervaardigen en testen van een nieuw model, aangeduid als "B/II". Het ging daarbij om het type helm, dat door het nationale volksleger van de DDR werd gedragen. Door de minder ronde, afgevlakte vorm moest de bescherming tegen granaatsplinters en kogels verhoogd worden en tegelijk het hinderlijke ruisen grotendeels verdwijnen. Maar om psychologische redenen werd de helm nooit ingevoerd; het leek ongewenst om in tijden van crisis een dergelijk traditioneel symbool door een geheel ander model te vervangen.

Na de Tweede Wereldoorlog namen de grensbewaking van de Bondsrepubliek en de politie van de Duitse deelstaten de beproefde oude helm met nadelen en al over, en deze hoort nog steeds tot de uitrusting, hoewel hij bij de dienstuitoefening zelden gedragen wordt.

Na WO2

De Bundeswehr (het leger van de Bondsrepubliek) daarentegen nam de Amerikaanse helm over. Dat het model van de Duitse helm ook later nog goede diensten bewees, blijkt uit twee voorbeelden. In 1957 werd bij de Bundeswehr een helm getest, die wat de vormgeving betreft een geslaagde combinatie was van de oude Duitse "Stahlhelm" en de helm voor parachutisten (De M38 voor de Fallschirmjäger). De soldaten vonden het een mooie helm en droegen hem graag, maar hij werd niet algemeen ingevoerd, omdat hij met het "bruine" Duitse verleden geassocieerd werd, hoewel bij schietproeven was gebleken dat hij superieur was aan de Amerikaanse helm en dat het beruchte ruisen door het doelmatig inkorten van de nekbescherming praktisch verdwenen was. Na een paar jaar werd het opzetten van deze "Stahlhelm" echter verboden.

Halverwege de jaren 70 hadden de Amerikanen al plannen voor een nieuwe, glasfiber helm naar Duits model, en deze kunststofhelm werd inderdaad ongeveer tien jaar geleden ingevoerd. De weerstand die stalen helmen tegen granaatsplinters en kogels bieden wordt door de nieuwe helm verre overtroffen en de vorm komt, afgezien van enkele geringe afwijkingen, overeen met het model van de oude Duitse Stahlhelm, vandaar dat de Amerikanen hem de bijnaam "Fritz" gaven. De Bundeswehr daarentegen draagt echter nog steeds het oude Amerikaanse model!

(Vertaling van: http://www.balsi.de/Weltkrieg/Waffen/Ausruestung/Stahlhelm.htm)

Lit.: Zentner, Rolf-Leonhard: Deutsche Militärhelme 1895-1975 (1980).

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Duitse_helmen"
Personal tools