/** * */

Autocar

De Autocar met de Colt machinegeweren.
Enlarge
De Autocar met de Colt machinegeweren.
De Autocar met de Vickers machinegeweren.
Enlarge
De Autocar met de Vickers machinegeweren.
Autocar
Omschrijving: Canadese gepantserde wagen, APC, ambulance APC, vrachtwagen, geniewagen, etc...
Ontworpen door: Autocar Company
Gebouwd door: Autocar Company
Bouwjaar:
Lengte: m
Breedte: m
Hoogte: m
Gewicht: ton
Pantser: 9,5 mm
Snelheid (op wegen): km/h
Rijbereik: km
Motor (type / vermogen): / pk
Bemanning: 6 (naarmate variant)
Hoofdbewapening: 2x Colt machinegeweren of 2x Vickers machinegeweren
Secundaire bewapening: Lewis (officier)
Aantal gebouwd:
Gebruik: Canada
Varianten: Zie tekst

De Autocar was een Canadese gepantserde auto die werd gebruikt als APC (armoured personnel carrier, een gepantserde wagen op rupsbanden en/of wielen voor het transporteren van troepen), als pantserwagen (gepantserde auto op wielen met bewapening, die wordt gebruikt als gepantserd gevechtsvoertuig), als transportwagen voor o.a. munitie en brandstof, enzovoort. De Autocar was erg zwak tegenover de vele andere gepantserde wagens en deed hierdoor slechts beperkt dienst tijdens de Eerste Wereldoorlog. Na de Eerste Wereldoorlog waren de wagens verouderd en werden buiten dienst gesteld.

De Autocars werden gebouwd door de Autocar Company die was gevestigd in Ardmore, Pennsylvania in de Verenigde Staten. Het waren onderstellen van de fabrikant met massieve banden waarop een gepantserde romp werd gebouwd. De pantsering kwam van de Bethlehem Steel Corporation. De dikste pantserplaten waren 9,5 mm dik. Er was echter een nadeel aan de wagen. De romp gaf de bemanning een goede bescherming tegen vijandelijk vuur, met enige uitzondering de bestuurder! Er waren in de romp geen kijkgaten voorzien en er was ook geen dak bovenop. De bestuurder moest hierdoor over de wagen heen kijken, waardoor zijn hoofd boven uit de romp stak en aldus heel kwetsbaar was voor vijandelijk vuur. Dit was één van de redenen waardoor de Autocar al gauw verouderd was, omdat andere gepantserde wagens uit die tijd een betere bescherming boden doordat die kijkgaten kregen en in de meeste gevallen ook een gepantserd dak. Maar de prestaties van die wagens waren weer minder door het hogere gewicht.
De zijkanten en achterkant van de cabine van de Autocar konden opengeklapt worden zodat de bewapening een groter bereik had en het uitzicht beter, maar hierdoor bevonden de bedieners van de bewapening zich in een onbeschermde situatie.

De bewapening bestond oorspronkelijk uit twee Amerikaanse luchtgekoelde Colt machinegeweren. Later werden deze vervangen door wategekoelde Vickers machinegeweren. De machinegeweren konden een rotatie maken van 360° en konden ook snel afgekoppeld en op het slagveld gebruikt worden, staande op een driepoot.
De pantserwagens werden bediend door een acht-koppige bemanning. Ieder machinegeweer had één schutter, één lader voor de munitiebanden en twee man waren samen verantwoordelijk voor de munitiekisten, reserveonderdelen en voor de waterkoeling. Omdat er twee machinegeweren waren, waren er zes man nodig voor de bediening van de wapens. De overige twee waren de bestuurder en de officier, die meestal was uitgerust met een Lewis Mk.I machinegeweer. Ondanks ieders vaste taak in de wagen werd ieder bemaningslid (ook de officier) getraind voor elke positie in de wagen.

De wagens werden vooral gebruikt door de Canadese Canadian Expeditionary Force, of kortweg C.E.F, bij de Duitsers beter gekend als de Stormtroopers. De eerste eenheden arriveerden op 16 oktober 1914 met twintig wagens in verschillende vormen. Het was de eerste eenheid gepantserde wagens die werd ontwikkeld tijdens de Eerste Wereldoorlog met Raymond Brutinel als bevelhebber. Acht wagens werden gebruikt als pantserwagens met elk twee Vickers machinegeweren achteraan in de bak. Vier werden omgebouwd tot officiersvoertuigen om officieren te transporteren. Vijf wagens werden gebruikt voor het transporteren van munitie en één wagen werd gebruikt als transport voor brandstof, waarop dus een brandstofreservoir werd gebouwd. Een andere wagen werd gebruikt als "geniewagen" voor de Canadian Military Engineers en de laatste werd gebruikt als ambulance voor de Canadian Forces Medical Service. Ondanks het feit dat ze elk een eigen doel hadden werden alle wagens identiek gebouwd door de Autocar Company.


Bronnen

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Autocar"
Personal tools