/** * */

Albatros B.II

Boven: Albatros B.II in Ottomaanse dienstOnder: Albatros B.IIa in Zweedse dienst
Enlarge
Boven: Albatros B.II in Ottomaanse dienst
Onder: Albatros B.IIa in Zweedse dienst
Albatros B.II
Omschrijving: Duitse tweedekker
Gebouwd door: Albatros
Bouwjaar: 1914
Functie: Bommenwerpers, verkenner en trainer
Max. snelheid: 105 km/u
Motor (type / vermogen): 1x Mercedes D.II 6-cilinder lijnmotor / 100 pk (75 kW)
Plafond: 3000 m
Actieradius:
Afmetingen (spanwijdte / lengte / hoogte) en

vleugeloppervlak:

12,80 m / 7,63 m / 3,10 m; 43 m²
Gewicht: kg (leeg), kg (max.)
Bemanning: 2
Wapensystemen: Geen soms twee (zie tekst)
Aantal gebouwd:
Gebruik: Duitsland, Oostenrijk-Hongarije, Ottomaanse Rijk, Litouwen, Bulgarije , Zweden, Finalnd en Polen
Bijzonderheden:

De Albatros B.II was een Duitse bommenwerper die in 1914 werd ontworpen door Ernst Heinkel en gebouwd door Albatros. Het was een kleinere en betere versie van de B.I dat in 1913 werd ontwikkeld die sprekend geleek op de B.II. Om beide toestellen uit elkaar te houden moet men de stutten tussen de vleugels tellen: de B.I heeft er 12 (zonder de stutten van de cockpit bij te rekenen), terwijl de B.II er slechts acht heeft. Zowel de B.I als de B.II leken sterk op de Britse Royal Aircraft Factory B.E.2, maar de B.E.2 was sneller. De bouw was vrij conventioneel voor de tijd; de piloot zat op de achterste bank, de waarnemer op de voorste. Er werd een 100pk zware Mercedes D.II lijnmotor ingebouwd die voorzien was van een hoge uitlaat die het zicht van de piloot belemmerde. De motorblok + uitlaat + vleugels, belemmerde het zicht compleet voor de waarnemer. In 1915 kwam de C.I, een gewapende versie van de B.II. Hier worden de zitplaatsen verwisseld. Een watervliegtuig variant van de B.II werd ontwikkeld, bekend als de W.I of B.II-W. De B.II werd wat aangepast. Zoals een speciaal gebouwde trainer met grotere spanwijdte en verschillende motoren dat werd aangewezen de B.IIa. Verdere ontwikkelingen hebben geleid tot de B.III, die werd geproduceerd in kleine aantallen. Beide Albatros toestellen werden in de vroege jaren van de Eerste Wereldoorlog ingezet als bommenwerpers en vaak verkenner, door Duitsland en later ook door het Ottomaanse Rijk. Enkele "Turkse toestellen" bleven zelfs tot medio en eind van de oorlog in dienst. Naarmate de oorlog vorderde, bleek de luchtvaart zich te evalueren met de gevolgen nadien. Er komen nieuwe en betere toestellen in dienst en de oudere verouderen en worden dan afgedankt. De meeste zagen dienst als trainer, net zoals de B.I en de B.II. Vanaf 1915 werden de B.II's boven het front afgehaald en gebruikt tot 1918 als trainer. De B.I en B.II werden niet gewapend. Alhoewel een ontdekte foto van de B.II ons laat weten dat er toch wel één of meerdere toestellen werden voorzien met twee machinegeweren op armen tussen de vleugels, die naast de propeller schoten.

Dienst in Zweden

In 1914 ging Albatros op tour in verschillende landen in Noord-Europa om hun nieuwe vliegtuig, de B.IIa, voor te stellen. In die tijd werd het beschouwd als een van de beste primaire trainer vliegtuigen. Zweden kocht een exemplaar en werden aangeduid als Albatros Sk.1. Sk staat voor Skolflygplan (Lesvliegtuig). Echter het landingsgestel en de propeller werd beschadigd toen het aankwam in Zweden. Door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, konden geen onderdelen worden gestuurd en de B.IIa werd geïnterneerd. Het werd hersteld en gebruikt als een trainer in de Zweedse luchtmacht. Dit vliegtuig werd later gekopieerd en vervaardigd in Zweden door vijf verschillende vliegtuigen bedrijven: Svenska Aeroplanfabriken (SAF), Södertelge Werkstäder (SW), Marinens Flygväsende (MFV), Nordiska Aviatikbolaget (NAB) en Flygkompaniets Verkstäder Malmen (FVM). Tot 1935 zag hun gekopieerde exemplaren dienst tot 1935.

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Albatros_B.II"
Personal tools